De zorgsector bespaarde €120 miljoen op inhuur maar het tekort bleef
08 oktober 2026
De zorgsector bespaarde €120 miljoen op inhuur maar het tekort bleef Nederlandse zorgorganisaties gaven in 2025 gezamenlijk €5,2 miljard uit aan personeel niet in loondienst (PNIL). Dit is 2,2% minder dan in 2024. Dat blijkt uit een analyse van HappyNurse op basis van de jaarverantwoordingen van ruim 1.100 zorgorganisaties. Voor bestuurders en HR-managers is de conclusie relevanter dan het bedrag zelf: de besparing loste het onderliggende personeelstekort niet op.
PNIL kromp, het tekort bleef
Terwijl de externe inhuur terugliep, stegen het ziekteverzuim en de personeelskosten. Ook bleven bijna 24.750 moeilijk vervulbare cliëntgebonden vacatures openstaan. Dit is vrijwel evenveel als een jaar eerder. Minder inhuur betekende dus niet minder personeelsdruk: de druk verplaatste zich. “Afbouwen van flex zonder alternatief is een besparing die zich tegen de zorg keert,” stelt Enrike Rutten, CEO van HappyNurse. “Slimme flexibiliteit levert juist kostenbesparing én continuïteit op.”
“Afbouwen van flex zonder alternatief is een besparing die zich
tegen de zorg keert.” Enrike Rutten, CEO HappyNurse
Herverdeling, geen structurele oplossing
De afbouw van PNIL is bovendien geen sectorbrede trend: 41% van de zorgorganisaties gaf in 2025 juist méér uit aan externe inhuur dan het jaar ervoor. De daling concentreert zich in de VVT (-11,6%) en de GGZ (-10,8%) sectoren waar de marges tegelijkertijd daalden en het verzuim het hoogst is. In de VVT, met €1,57 miljard nog altijd de grootste inhuurmarkt, steeg het mediane verzuim naar 8,7%.
“Verzuim is de duurste vorm van inhuur”
“De cijfers laten precies zien wat er gebeurt als je flexibiliteit alleen als kostenpost behandelt,” zegt Enrike. “Teams die hun flexibele schil kwijtraken zonder dat er structureel personeel bijkomt, vangen de klappen zelf op. Dat zie je terug in oplopend verzuim, en verzuim is de duurste vorm van inhuur die er bestaat. De vraag is niet óf je flexibiliteit nodig hebt, maar hoe je die slim organiseert.”
Van volume naar kwaliteit
Voor bestuurders en HR-managers verschuift de vraag daarmee van de omvang van de inhuur naar de manier waarop de inhuur wordt ingezet, het liefst in samenwerking met een vaste partner. Vier elementen bepalen die kwaliteit: grip op de totale personeelskosten (total cost of ownership), vaste gezichten in de flexibele schil, betrouwbare en kwalitatief hoogwaardige professionals, en zorgprofessionals die met plezier voor de organisatie werken.
“Bij HappyNurse zien we dat organisaties die inzetten op vaste gezichten in hun flexibele schil al winst pakken,” zegt Enrike. “Denk aan een VVT-instelling die een pool van 50 vaste flexkrachten opzette, met gegarandeerde diensten en een vast contactpersoon. Binnen zes maanden daalde het ziekteverzuim met 1,2 procentpunt en bleven cliëntgebonden vacatures gemiddeld 40% korter open. Het zijn geen toveroplossingen, maar wel concrete stappen die de druk op zorgprofessionals direct verlichten.”
“Het zijn geen toveroplossingen, maar wel concrete stappen die de druk op
zorgprofessionals direct verlichten.” Enrike Rutten, CEO HappyNurse
Grip op kosten
Minder uitgeven aan inhuur is geen doel op zich. Zorgorganisaties die PNIL-afbouw niet als primair doel stellen, maar samen met een partner grip krijgen op de totale personeelskosten, combineren flexibiliteit met continuïteit en houden hun cliëntgebonden vacatures wél vervulbaar.
Wil je de volledige analyse zien? Download het HappyNurse-rapport “PNIL in de zorg 2025” of plan een vrijblijvend gesprek met Enrike Rutten om te ontdekken hoe jouw organisatie flexibiliteit slim kan organiseren.